
HET BEGIN
Op 30 september 1988 hebben de heer N.J. Snaas, mevrouw S. Snaas – de Jong en mevrouw M. de Jong, Stichting Dijken 2651 opgericht bij notaris Schellekens te Schagen.
Tijdens een fietstocht ter gelegenheid van een 50 jarige, hebben de kinderen van Arend de Jong en Gjiltsje de Jong – Dijkstra gebrainstormd hoe de graven van familie in de toekomst onderhouden en gefinancierd zouden kunnen worden, zodat dit niet bij enkele personen alleen zou komen te liggen.
Mevrouw M. de Jong en Mevrouw G. van Dijk hebben jarenlang de graven in de zomervakanties onderhouden en geschilderd. Uiteindelijk resulteerde dit tot het oprichten van de stichting: Stichting Dijken 2651.
De stichting is ingeschreven bij de kamer van koophandel in Leeuwarden en kreeg als toevoeging het kadasternummer 2651.
Het eerste stichtingsbestuur bestond uit:
- Voorzitter: Mevr. M. de Jong
- Penningmeester: Heer N. J. Snaas
- Secretaris: Mevr. S. Snaas ñ de Jong


DE KLOKKENSTOEL
Op 25 september 2002 is de klokkenstoel te Dyken gerenoveerd. Dit is mogelijk gemaakt door een aantal Friese Stichtingen en particulieren. De klokkenstoel te Dyken is een van de 56 oudste klokkenstoelen in Friesland. Wanneer de klokkenstoel is gebouwd is niet precies bekend, maar in de provinciale geschriften van 1658 wordt er al over gesproken. Een zekere Jacobus Stellingwerf maakte in 1720 een schets van het bouwwerk. Deze schets bevindt zich in het Fries museum.
De eerste klokkenstoelen waren simpele kapelletjes van boomstammen en hadden vier poten. Dit verwees naar de vier windstreken en naar de vier evangelisten.
De huidige klokkenstoel heeft zes poten, de huidige klok die nu ihangt komt uit een kerk in Den Haag komt. De oorspronkelijke klok is in de tweede wereld oorlog omgesmolten door de Duitsers.


Het gezang van de klok staat voor de goddelijke stem die de dood begeleidt en die verdriet verzacht.




“In Delpher (online krantenarchief) zijn twee artikelen over Bouwe Dijkstra gevonden. Het eerste artikel (1970) met een foto van Bouwe Dijkstra, het tweede artikel (1959) worden hij en zijn vrouw genoemd n.a.v. een ontmoeting met Nederlands kamerlid van de PVDA (Ir. Posthumus) die in de VS was voor een studiereis.” “Waarschijnlijk heeft Bouwe het kamerlid rondgeleid in amfibische vliegtuigen en snelle motoren in de Caraïbische golf. Daar stonden boorplatformen.”